IFS TREKT DE TOUWTJES AAN

De IFS versie 5 is nu ruim een jaar van kracht. Deze versie is strenger gemaakt omdat naar mening van de IFS te veel bedrijven op hoger niveau waren gecertificeerd. Na 1 jaar is de balans opgemaakt. Er zijn nog te veel klachten. De conclusie van de IFS is: het moet beter.

Het is ca. 10 jaar geleden dat de BRC werd geïntroduceerd in Nederland. Dit was de start van een nieuwe fase in de certificatie van levensmiddelenbedrijven: de opkomst van retailstandaarden. Inmiddels is de 5e versie van zowel de BRC als van de IFS van toepassing. Nu blijkt dat de IFS organisatie ontevreden is over de implementatie van de jongste versie van de IFS: er zijn nog te veel klachten over producten van bedrijven met een IFS certificaat. De IFS organisatie had bovendien verwacht dat met versie 5 het aantal bedrijven met een certificaat op hoger niveau aanzienlijk zou dalen. Dit blijkt slechts beperkt het geval. De IFS legt de bal nu bij de certificerende instellingen. Zij krijgen de opdracht om bedrijven veel strenger te beoordelen. Ook andere standaardeigenaren willen verbetering. Hiermee lijkt er een opnieuw nieuwe fase te zijn aangebroken van certificatie op basis van retailstandaarden.

Vertrouwen in het certificaat
Duitse retailers stellen het vertrouwen in het IFS certificaat ter discussie. De IFS organisatie wil koste wat het kost voorkomen dat het vertrouwen in het IFS certificaat verdwijnt. Hiervoor wordt het contract met de certificerende instellingen met ingang van 1 juli 2009 vernieuwd waarbij een sanctieclausule is opgenomen. De certificerende instelling zal worden beboet wanneer naar mening van de IFS organisatie zij hun werk niet goed hebben gedaan.

Andere sancties zijn: uitsluiting van een auditor of uitsluiting van de gehele instelling.

De BRC denkt na over soortgelijke maatregelen. Ook heeft Globalgap haar eigen integriteitsonderzoek opgestart. De druk op de certificatie-instelling en de auditor neemt toe. Standaardeigenaren zijn van mening dat de auditor niet streng genoeg is en te snel genoegen neemt met papieren maatregelen en goede bedoelingen van het bedrijf. De auditor moet nadrukkelijker beoordelen of een bedrijf niet alleen tijdens de audit, maar ook in de tussenliggende periode aan de eisen uit de standaard wil, kan en blijft voldoen. Centrale vragen hierbij zijn: weet het bedrijf voldoende wat van haar wordt verwacht, neemt het management haar verantwoordelijkheid, is het bedrijf voldoende kritisch op zichzelf en is het bedrijf in staat snelle effectieve verbetermaatregelen te nemen.

Bewustzijn
Gecertificeerde bedrijven dienen bewust te zijn van deze ontwikkeling. Zij moeten zich realiseren dat de certificerende instelling haar auditoren met een vernieuwde opdracht op pad moeten sturen. Een afwijking op wettelijkheid, voedselveiligheid of productconformiteit zal direct leiden tot een major afwijking zodat geen certificaat kan worden verstrekt. Bovendien zal het ontbreken van adequate maatregelen n.a.v. klachten en afwijkingen alsook het ontbreken van directe betrokkenheid van het management leiden tot een major afwijking.

Wij roepen bedrijven op zich hierop goed voor te bereiden om te voorkomen dat leveringen gevaar lopen door het ontbreken van het certificaat. Let met name op een goede aantoonbare implementatie van de KO-criteria en fundamental-criteria. Let ook op een goede afhandeling van eerder geconstateerde afwijkingen. Wees kritisch naar de eigen organisatie en zorg voor een zorgvuldige klachten afhandeling met een doeltreffende oorzaakanalyse en effectieve corrigerende en preventieve maatregelen.
Voorkom dat uw bedrijf negatief opvalt door aanhoudende klachten. Wanneer de IFS organisatie bij een controle tot de conclusie komt dat ten onrechte een certificaat is verstrekt, dan wordt dit ingetrokken en wordt het bedrijf gedurende 6 tot 24 maanden niet meer in staat gesteld een nieuw IFS certificaat te behalen.
Bron: ISAcert.