BRL 5050 MAAKT PLAATS VOOR SC-530

De vervanging van de norm BRL 5050 is ingegeven door nieuwe inzichten met betrekking tot de kwaliteit en veiligheid van asbestverwijdering en de arbeidsomstandigheden waaronder deze werkzaamheden idealiter uitgevoerd dienen te worden.

In dat kader heeft het Ministerie van SZW besloten tot het opheffen van de certificatienorm BRL 5050 en deze met ingang van 1 juni 2008 te vervangen door de norm SC-530.

Inhoudelijke wijzigingen
De integrale tekst van deze nieuwe norm is vrij opvraagbaar via de website van schema-eigenaar en toezichthouder SCA Stichting Certificatie Asbest (www.ascert.nl) en wij raden u – wellicht ten overvloede – nadrukkelijk aan om hiervan kennis te nemen met het oog op de continuïteit van uw huidige certificering voor asbestverwijdering en het verkrijgen van een certificaat conform de nieuwe certificatieregeling.

Overgangstermijn
Op basis van het besluit van het Ministerie van SZW is van een overgangstermijn feitelijk geen sprake en dient u vanaf 1 juni a.s. direct te voldoen aan de nieuwe richtlijnen. Dat betekent niet per definitie dat u vanaf die datum geen werkzaamheden meer mag doen en uw BRL 5050 certificaat per direct ongeldig is. Indien uw certificaat tussen 1 juni 2008 en 1 juni 2009 verloopt zullen wij u bij de eerstvolgende tussentijdse audit en/of her-certificering tegen de nieuwe norm toetsen (voor exacte tijdsbesteding: zie volgende paragraaf) ontvangt u een nieuw SC-530 certificaat met een geldigheidsduur van 3 jaar.
Na 1 juni 2009 is een BRL 5050 certificaat niet meer geldig en kunt u onder dit certificaat geen werkzaamheden meer uitvoeren.

Tijdsbesteding audits en inspecties
Op last van het ministerie van SZW voorziet de nieuwe norm SC-530 in een stijging van het aantal onaangekondigde projectinspecties van minimaal 2 naar minimaal 6 per jaar. Tevens heeft het ministerie als minimumeis gesteld dat een bedrijf dat in aanmerking wil komen voor een formele certificering tenminste 7 projecten per jaar dient uit te voeren waaraan minimaal 35 projectdagen zijn gekoppeld.

In het eerstvolgende onderzoek – hetzij een regulier tussentijds onderzoek of een verlengingsonderzoek
– zal de conformiteit aan de norm SC-530 worden getoetst en dient minimaal 0.5 dag aan documentatiebeoordeling en 0.5 dag per vestiging voor implementatie van de norm te worden besteed.

In functie van de nieuwe norm SC-530 is de wettelijk verplichte tijdsbesteding voor de uitvoering van certificatieonderzoeken en inspecties op projectlocaties gewijzigd. Een regulier certificatietraject van 3 jaar wordt aangevangen met een (her)certificeringsonderzoek van minimaal 1 dag (bij 11-25 vaste medewerkers 1.5 dag, bij 26-45 vaste medewerkers 2 dagen en bij meer dan 45 vaste medewerkers 2.5 dag) en tussentijdse jaarlijkse onderzoeken van 1 dag (uit te voeren in twee halve dagen).

Daarnaast voorziet de nieuwe regeling net als de huidige BRL 5050 norm in verplichte projectinspecties; afhankelijk van het aantal jaarlijkse projectdagen die door uw organisatie worden uitgevoerd zijn het aantal inspecties vastgesteld op een minimum van 6 en een maximum van 11 per jaar van 0.5 dag elk.